|
Het thema vrije heroïneverstrekking is na bijna tien jaar opnieuw volop in de media. Tien jaar geleden was de aanleiding de stelling dat methadonprogramma’s niet werkten en heroïneverstrekking een goede aanvulling was. De methadonprogramma’s werden nooit geëvalueerd op hun resultaat. De federale nota drugs van 2001 stelde dat er geen nood was aan een experiment met heroïneverstrekking onder medisch toezicht en wachtte de resultaten van buitenlands wetenschappelijk onderzoek af.
Vandaag ligt de aanleiding van de comeback in het Luikse veiligheidsprobleem. Een paar duizend zware heroïneverslaafden maken de stad onveilig. De gekste cijfers worden genoemd, de helft van de Belgische zware heroïneverslaafden zou de stad en de omgeving teisteren. Vrije heroïneverstrekking is de strohalm waaraan burgemeester Demeyer zich vasthoudt. Het moet nu en direct en als de federale regering hem niet helpt dan zal hij het op eigen houtje doen. Het klinkt radeloos.
Eerst even naar de essentie. Hoe kan er in een niet zo druk bevolkte regio een dergelijke massa verslaafden ontstaan? In de stad alleen al zijn er meer heroïneverslaafden die met methadon onderhouden worden dan in heel Vlaanderen. Ook al kampt de stad en de omgeving al decennia met economische problemen, deze kunnen dit niet verklaren.
Vanuit De Sleutel volgen we al dertig jaar elke evolutie in binnen- en buitenland op de voet. We hebben de situatie in Wallonië en specifiek in Luik jaar na jaar zien verslechteren. De aanpak van de drugproblematiek op zich is er de oorzaak van een verschrikkelijk probleem. Terwijl we ons in Vlaanderen uitsloofden om therapeutische gemeenschappen, crisiscentra, dagcentra en sociale werkplaatsen uit te bouwen met hoge ontwikkelingskost zowel financieel als methodologisch, koos men in Wallonië al snel de makkelijkste weg. Geef een verslaafde wat hij nodig heeft, stuur hem naar een dokter, laat hem methadon voorschrijven, hij haalt dat dagelijks af bij de apotheker en het probleem is opgelost. We zijn ervan af en zelfs de criminaliteit verdwijnt. Men geloofde het werkelijk, de gevolgen zien we vandaag.
Reïntegratie en ontwenning van drugverslaafden lukt slechts wanneer er een goed uitgebouwd en stevig samenwerkend hulpverleningsnetwerk bestaat dat een verslaafde stap voor stap helpt om van de drugs af te komen. Op elk niveau van die hulpverlening is er een groep die niet kan geholpen worden en waarvoor een andere benadering nodig is. Uiteindelijk blijft er ook een kleine groep over, die nooit zal kunnen geholpen worden wat men ook doet. Weer voor een deel van deze groep zal heroïneverstrekking het leed kunnen verzachten. We hebben vanuit De Sleutel geen probleem dat dit voor deze groep en goed gekaderd in een stevig uitgebouwd netwerk van verslavingszorg zijn plaats zou vinden voor een beetje gezondheidswinst voor een anders verloren groep.
Van de daken schreeuwen dat Luik heroïneverstrekking nodig heeft om zijn probleem op te lossen is gewoon belachelijk, pure politieke demagogie en een hardnekkige blindheid om de eigen historische fouten en verantwoordelijkheid te zien en te willen corrigeren. Ondertussen draaien in Luik en omgeving, pervers genoeg, tientallen artsenpraktijken op drugverslaafden. De methadonkraan staat wijd open, de verslaafden stromen toe. Naast het methadon gebruiken ze er heroïne bij en ook in grote mate cocaïne. Luik zinkt verder weg, straks hebben we er ook nog cocaïneprogramma’s nodig.
Wat kan er dan wel? Er zijn geen korte termijn oplossingen, tenzij slechte.
Sommigen stellen dat we dringend de algemene cel drugs nodig hebben die het drugbeleid moet uitstippelen en coördineren voor België. Deze cel staat al op stapel sinds 2002. De samenwerkingsakkoorden zijn nog steeds niet door alle regeringen ondertekend. Eenmaal opgericht zal deze cel slechts kunnen vaststellen dat visie en strategie in Vlaanderen en Wallonië zo ver uit elkaar liggen dat een gemeenschappelijk beleid niet meer haalbaar is. In Vlaanderen willen we niet meegesleept worden in een federaal beleid dat de drugkraan steeds meer opendraait en steeds minder investeert in werkelijke behandeling en reïntegratie omdat de middelen al aan het andere verteerd zijn. De PS zat klaar met een grootscheepse campagne voor de legalisatie van alle drugs. Gelukkig heeft men momenteel alle energie nodig om de partijschandalen in te dijken. We krijgen nog even uitstel.
Korte en lange termijn visie.
Heroïne kan je morgen verstrekken, als je het in een medisch experiment vermomt, hoef je zelfs geen wetswijziging. Een multidisciplinair team opbouwen dat kan behandelen en reïntegreren kost vijf jaar hard werken vooraleer je kennis en vaardigheden verankerd hebt en resultaten ziet. Heroïneverstrekking heeft een meerkost van 20 000 euro per verslaafde per jaar, voor 50 verslaafden kost dat al 1 miljoen euro om verslaafd te blijven. Voor datzelfde miljoen euro behandelt een dergelijk multidisciplinair team 400 verslaafden per jaar met een veel grotere kans om van de drugs af te geraken.
Willen we in onze maatschappij drugs het hoofd blijven bieden dan dient er vanuit een lange termijn visie geïnvesteerd te worden.
1. Preventie moet ervoor zorgen dat experimenteren met drugs vermeden of uitgesteld kan worden. Nederlands en Australisch onderzoek wees uit dat hoe jonger je aan cannabis begint des te groter het risico is dat je later ook meerder andere drugs gebruikt. Ook in Vlaanderen talmen we te lang met de nodige investeringen in preventie (zie ook artikel 'Jonge blowers grijpen vaker naar harddrugs' ; De Standaard 26-01-06).
2. Een stevig en goed samenwerkend netwerk van opvang- en behandelingscentra dient de weg open te houden naar ontwenning en reïntegratie en hierop geëvalueerd te worden. Het netwerk hebben we. Aan de doorstroming is nog heel wat werk te doen.
3. De justitie moet stevig ingrijpen, niet alleen voor dealers en criminelen, maar ook voor drugverslaafden. Er zijn slechts twee groepen verslaafden die in behandeling komen nl. zij die onder druk van familie en vrienden de stap zetten en zij die geen familie of vrienden hebben maar onder justitiële druk de kans grijpen om toch nog deel te nemen aan de hulpverlening. Onderzoek wijst uit dat de behandelresultaten voor beide groepen even goed liggen! Jarenlang is justitie hierin te laks en te meegaand geweest. Het is nochtans simpel, een drugverslaafde stopt niet zomaar uit zichzelf, dat is nu precies het eigene aan verslaving!
Het is een positief signaal in de krant te lezen dat in Gent acht drugverslaafden tot gevangenisstraf en boetes waren veroordeeld omdat ze het alternatief om in behandeling te gaan naast zich neer hadden gelegd. Dit is onze maatschappelijke verantwoordelijkheid gezamenlijk dragen. Zo laten we ook zien dat het menens is, zo creëren we kansen. De repressie is zoals Prof. De Ruyver dat steeds terecht blijft voorhouden het ultimum remedium, maar ook het remedium dat moet gebruikt worden waar niets anders helpt.
Gek genoeg leven we in een situatie waarbij enkele duizenden drugverslaafden in de gevangenis vertoeven. Daar hebben we de maximale kans en mogelijkheid om hen nogmaals hulp en behandeling aan te bieden. Velen zouden erop in gaan. Maar na dertig jaar zijn we er nog niet in geslaagd om in onze gevangenissen deftige behandelprogramma’s te ontwikkelen.
We laten zoveel kansen liggen, maar ja ze kosten allemaal veel moeite en geduld. De kraan opendraaien en de mensen de illusie geven dat het daarmee vlug zal opgelost zijn oogst makkelijk bijval maar is typisch politiek en kortzichtig.
Johan Maertens Algemeen directeur De Sleutel |
|