Druggebruikers perspectief geven op maatschappelijke reïntegratie. Op zoek naar een gezamenlijke methodiek

De kans op terugval van druggebruikers hangt samen met de mate van hun maatschappelijke reïntegratie na behandeling. Maar wat wordt er verstaan onder maatschappelijke reïntegratie? Meestal komt dit uiteindelijk neer op contractueel werk hebben. Ook de doelgroep heeft hiervoor een hulpvraag. Hoe kunnen we daarop een antwoord geven? De gewone methodiek verloopt individueel. Het is echter niet evident om op deze wijze na te gaan wat de mogelijkheden zijn op het levensgebied ‘arbeid en inkomen’ en wat de obstakels zijn om op dit terrein doelstellingen te bereiken.

In het project ‘Perspectief’ trachten we een methodiek te ontwikkelen om (ex)druggebruikers maatschappelijk te reïntegreren via één of andere vorm van contractuele arbeid. Dit project is een samenwerking tussen de drughulpverlening van De Sleutel, het wijkwerk van OCMW Gent en het Opleidings- en Trainingscentrum van OCMW Gent. Een eerste deel van de methodiek gaat over de vraag van de indicatiestelling: welke interventies passen best bij deze cliënt, wat zijn de specifieke problemen en wat is de concrete hulpvraag? De methodiek die we hiervoor uitwerkten is groepsgericht, actiegericht en doorlopend van aard. We doen dit in een module ‘oriëntatie’. Hoe dit gebeurt wordt voorgesteld tijdens de workshop.

$$L

Het doel van de module oriëntatie is personen die willen doorstromen naar opleiding, arbeidszorg of tewerkstelling en waarvan vermoed wordt dat een drug- of een andere problematiek dit bemoeilijkt:
– een beeld te geven over hun mogelijkheden op gebied van arbeidsvaardigheden en arbeidsattitudes,
– dit arbeidsprofiel relateren met hun algemene mogelijkheden en problemen,
– nagaan in welke mate middelmisbruik of psychische problemen consequenties hebben voor hun arbeidssituatie,
– samen met hen, tegen het einde van de oriëntatie, concrete (SMART) doelstellingen bepalen op gebied van opleiding, inkomen en middelengebruik,
– en op basis van deze elementen een gericht advies geven over de wijze waarop (waar) ze deze doelstellingen kunnen bereiken.

De methodiek van de module oriëntatie is samengesteld uit 3 grote elementen:
– Observatie van arbeidsvaardigheden en arbeidsattitudes door de begeleiders van de module oriëntatie via een variatie van activiteiten. Bespreking en evaluatie van deze elementen door gesprekken van de deelnemer met de arbeidstrajectbegeleider van het OTC of van de sociale werkplaats.
– In kaart brengen van het actueel middelengebruik ( via observaties, vragenlijsten, urinecontroles), bepalen van de fase van het veranderingsproces ( Prochaska en DiClemente) betreffende middelengebruik waarin de deelnemer zich bevindt ( via 8 groepssessies). De stap die hierbij aansluit is een bewuste en verantwoorde keuze maken omtrent toekomstig middelengebruik. Om dit doel te realiseren kan de deelnemer beroep doen op drughulpverlening.
– In kaart brengen, bespreking en evaluatie van de totale mogelijkheden/ problematiek op de verschillende levensgebieden door de casemanager ( EuropASI). Schatting van de leermogelijkheden van de deelnemer ( Raven), bepaling van de eventuele psychiatrische en persoonlijkheidsproblematiek, inventaris maken van subjectief beleefde klachten (SCL-90). De relatiewijze van de deelnemer in kaart brengen via groepssessies (axenroos).

Deze 3 pijlers zijn de concretiseringen van een multidisciplinaire aanpak. Meerdere hulpverleners werken samen rond eenzelfde casus. Begeleider van de oriëntatie, arbeidstrajectbegeleider, drughulpverlener en casemanager benaderen vanuit hun eigen discipline de deelnemer. Iedere discipline heeft zijn eigen taken, maar overlegt intensief met de anderen. Het geheel is meer dan de som van de delen.

Robrecht Keymeulen (december 2005)