Tewerkstelling in de Sociale Werkplaats is nooit het eindpunt

Wat is de doelstelling van de sociale werkplaats en waarin verschilt deze van andere werkplaatsen in de sociale economie?
Guido Maertens: De Sleutel kiest ervoor om met een specifieke doelgroep te werken, nl mensen met een verslavingsprobleem. Wij willen deze mensen opnieuw klaarstomen voor de arbeidsmarkt. Wij activeren hen en zorgen ervoor dat ze kunnen doorstromen naar een stabiele arbeidssituatie. Dat kan het reguliere arbeidscircuit zijn, maar ook evengoed een werkplaats in de sociale economie of binnen arbeidszorg. Cliënten blijven 1 à 3 jaar bij ons en dan moet het duidelijk zijn wat voor hen een stabiele arbeidsplaats is. Reeds van bij de intake wordt hen duidelijk gemaakt dat hij of zij in een traject stapt met als finaliteit het instappen in een andere arbeidssituatie. De sociale werkplaats is dus nooit een eindpunt. Het is niet de bedoeling dat we dichtslibben. We willen een voldoende doorstroming hebben van de doelgroep zodat we zoveel mogelijk mensen met een verslavingsprobleem kunnen helpen. Reïntegratie in de samenleving is onze doelstelling en werk is daar een belangrijk onderdeel van. In andere sociale werkplaatsen blijven de mensen meestal wel veel langere tijd werken.

Hoe gaan jullie tewerk?
Voor ons zijn 2 elementen zeer belangrijk. Bij een eerste contact willen we zicht krijgen op de verschillende levensdomeinen van de cliënt en wat daar goed en fout loopt. Iemand die een lange periode drugs heeft gebruikt kampt op de verschillende onderdelen van zijn leven best met wat problemen. We bekijken hoe het gaat met de directe omgeving – kinderen, partner, ouders – hoe het gesteld is met de administratie, vriendenkring, gezondheid … Daarnaast kijken we naar de vaardigheden waarover de cliënt beschikt en bekijken we welke vaardigheden en attitudes moeten ontwikkeld worden om in een stabiele arbeidssituatie te kunnen functioneren. Dat gaat van op tijd kunnen komen, in ploegverband kunnen werken, de inhoud van de job kunnen aanleren, …. Elke cliënt krijgt zo op 12 verschillende onderdelen een score en deze “foto” is meteen de start van een handelplan. We kiezen bewust voor een zeer individuele begeleiding.

Hoe moeten we ons dat concreet voorstellen?
We nemen echt onze tijd omdat het bij onze doelgroep bijzonder belangrijk is om een zo volledig mogelijk beeld te krijgen. Elke cliënt wordt ook door een multidisciplinair team op de voet gevolgd. De eerste fase , de module oriëntatie, verloopt in groep en neemt maximum 20 dagen in beslag. Hierna volgt een advies. Dan voorzien we elke 3 maanden een evaluatie. Dat is eigenlijk een terugkijken naar “de foto”. Is er een evolutie? Waar is bijsturing noodzakelijk? De foto wordt bijgesteld en indien noodzakelijk start er een intensieve training. Deze evaluatie gebeurt opnieuw door een team. Daarin zitten de werkplaatsleider, de individuele begeleider, de begeleider van de module oriëntatie, de trajectbegeleider en de doorverwijzer. Het werk is af op het moment dat de cliënt op alle 12 competenties 4 à 5 op 5 als score haalt. Dat is ook het moment om de sociale werkplaats te verlaten. Omdat dit altijd een moeilijk moment is en de cliënt heel dikwijls onzeker is over de slaagkansen, voorzien we een overgangssituatie via “supported employment”.

Het lijkt een bijzonder intensieve begeleiding?
Ja. En we doen dit dan ook niet alleen. We creëren telkens een netwerk rond de cliënt en daarbij betrekken we zoveel mogelijk diensten uit de gezondheidszorg en de hulpverlening.
We werken samen met het OCMW, CAW, de drughulpverlening, kinderopvang… We hebben de competenties van al deze organisaties nodig. Dit is in het belang van onze cliënten. Te meer omdat we er bij een eventuele mislukking kunnen op rekenen dat onze collega’s in de hulpverlening het proces met de cliënt dan beter verder kunnen zetten.

(augustus 2007)