Sociale Werkplaats Antwerpen: zoeken naar een evenwicht tussen zorg en rendement

Hoe is de sociale werkplaats in Antwerpen gegroeid?

Mario Polfliet:  De start viel samen met de officiële erkenning die we kregen in 2002. Zes maanden later kregen we ook in Mechelen onze erkenning. De eerste jaren beperkten we ons enkel tot renovatie-opdrachten. Onze 2 begeleiders, Luc en Koen, hadden toen de leiding over een ploeg met 10 werknemers (5 gesco’s via VDAB en 5 contracten artikel 60 via OCMW Antwerpen). Die periode was echt pionierswerk. Binnen het netwerk van De Sleutel was de werkplaats in Antwerpen eigenlijk een eiland. Wekelijks kwam het afdelingshoofd wel op bezoek, maar de begeleiders stonden zelf in voor de ganse organisatie. Tot het vullen van het orderboekje toe. Voor de stabiliteit van het team was het blijvend engagement van Luc en Koen dus heel belangrijk.

Begin 2007 kwam er tevens een groen-werkplaats…

Mario:  Juist, dat ging samen met de aanwerving van een nieuwe begeleider en de uitbreiding met 5 gesco’s. In 2008 openden we dan ook ons atelier in de Van Trierstraat. Op die manier beschikken we in Antwerpen eindelijk over een opslagplaats voor de groen- en renovatieploeg. Vandaag stellen we in beide werkplaatsen samen 25 werkkrachten tewerk. Concreet gaat het om 20 gesco’s en  5 werknemers die onder artikel 60 werken. Deze laatste categorie wordt toegeleid via het OCMW en kan zeker nog in aantal groeien.

Claus Stoll: Voorlopig kunnen we vanuit de Werkplaats nog te weinig investeren in die samenwerking. Op termijn hopen we te komen tot een aantal automatismen inzake doorverwijzing. We zitten dan ook in een overgangsfase. De werkplaatsen zijn nu mooi geïnstalleerd. De inhoudelijke onderbouw is echter nog volop in constructie. We hebben onze diverse modules, maar het aanbod staat nog niet helemaal op punt.

Hoe verloopt de samenwerking met de hulpverlening? Hoe vinden de cliënten de weg naar de werkplaats

Claus: Sinds 2004 sta ik in voor de trajectbegeleidingen van de cliënten die in het dagcentrum van Antwerpen werden aangemeld. Sinds we een eigen atelier hebben, coördineren we die begeleiding nu vanuit de werkplaats. We konden ook ons team al uitbreiden met één kracht. Ook in Mechelen is er een overeenkomst rond doorverwijzingen en het samen werken aan een traject in het belang van de cliënt.

Het is de bedoeling om een volledig traject aan te bieden, zoals in de werkplaats te Gent?

Claus: Dat klopt. Zo hebben we de module aanmelding. Een derde van de aanmeldingen komt van onze dagcentra. Na het intakegesprek koppelen we terug naar een multidisciplinair team. Daarna kunnen we onze cliënt adviseren om in trajectbegeleiding te gaan, bij ons in de werkplaats te starten of een opleiding te volgen. We zijn ook volop bezig met de uitbouw van onze modules observatie en screening & oriëntatie. Dankzij dat aanbod kunnen we echt naar competenties gaan meten en weten we echt wie voor welk soort werk in aanmerking komt.  

Mario:  Tot voor kort moesten we ons teveel baseren op een momentopname, een indruk tijdens een sollicitatieronde. Het gevolg was dan ook dat sommige werknemers niet juist werden ingezet.  

Claus : We durven zeggen dat de begeleiding beter kan, dat onze mensen meer kansen zouden kunnen krijgen. Zo is ons aanbod inzake arbeidszorg voorlopig niet echt operationeel bij gebrek aan personeel en middelen. De meeste mensen die vroeger kampten met een verslaving hebben nochtans extra zorg nodig. Ook ons aanbod inzake arbeidsbegeleiding bestaat voorlopig enkel in een light-versie. En als we kandidaten hebben die klaar staan om door te stromen naar het reguliere circuit, doen we een beroep op onze collega’s uit Gent. We laten nog groeimogelijkheden onbenut.  Denk aan kortlopende opdrachten dankzij het stage-aanbod in de bouw vanwege de VDAB, aan werkstraffen in samenwerking met het justitiehuis,…

Mario: Ook inzake werkervaring (wep+) zijn er mogelijkheden. We moeten echter temporiseren. Het operationele luik van de werkplaats is de voorbije jaren heel sterk gegroeid (verdubbeld qua  personeelsbestand). Nu moeten we eerst de inhoudelijke  onderbouw steviger uitwerken. Hierover bestaat trouwens een principieel akkoord met het OCMW.

De werkplaats is afhankelijk van veel partners. Hoe verloopt die samenwerking ?

Mario: De hulpverlening, OCMW, VDAB,… De noodzakelijke samenwerkingsstructuur staat mooi op papier. In de feiten zijn we echter vooral aan het leren samenwerken. Dankzij de samenwerking met het centrum voor geestelijke gezondheidszorg VAGGA, konden we ons team versterken met een psychologe. Hierdoor kunnen we de band met het dagcentrum en met Altox optimaliseren.

Deze persoon is zich volop aan het inwerken en heeft voorlopig de handen vol aan het beter inschalen van de competenties van personen die reeds bij ons aan het werk zijn.

Claus: We werken ook goed samen met de VDAB, al laten we ook daar nog wat potentieel onbenut. Het principe is dat we trajectbegeleiding doorkrijgen van de VDAB van het ogenblik dat er een verslavingsproblematiek is. Hiervoor werken we goed samen met de werkwinkels. We zijn verder volop in bespreking met het OCMW om hun cliënten beter te kunnen dienen en ook meer artikel 60 te kunnen opvangen. We willen samen – naar het voorbeeld van Perspectief in Gent – een systeem uitwerken waardoor we alle levensdomeinen kunnen aanpakken. Idealiter zou er ook iemand vanuit het OCMW in ons team moeten kunnen zitten. Dat kan een echte meerwaarde zijn voor beide organisaties. Vanuit De Sleutel zouden we deze mensen vorming kunnen geven in motiverende gesprekken, in het afnemen van de EuropASI (*), …

Wie zijn jullie grote opdrachtgevers?

Mario: In de renovatie zitten we momenteel met 2 ploegen die sterk zijn in totaalrenovaties.   Zij werken voor scholen, openbare besturen en in mindere mate ook voor particulieren. Daarnaast hebben we 1 ploeg die zich specialiseert in eenvoudige opdrachten zoals schilderen en gyproc. We laten hen daar gedurende langere periodes eenzelfde soort werk doen om zo de opleiding te versterken. In het groen werken we vooral voor ziekenhuizen, gemeentebesturen, rustoorden en scholen, maar ook voor grote werkgevers zoals Agfa Gevaert,… 

Is het met de huidige crisis moeilijker om werk binnen te halen?

Mario: In het groen voelen we de crisis minder. Daar werken we vooral met jaarcontracten bij enkele grote klanten. Ze worden wel selectiever in het doorgeven van extra opdrachten en kijken toch scherper naar rendement én afwerking. En natuurlijk moeten we kwaliteit leveren tegen concurrentiële prijzen.

Claus: We spelen ook in op het bevorderen van die kwaliteit dankzij een goede kwaliteitsopvolging en via competentiemanagement. Bij al onze werknemers doen we op regelmatige basis een meting via HeRMAN. Dit Human Resource Management-systeem laat ons toe om op 11 competenties te meten. We doen dit op regelmatige basis. Iedereen passeert de revue om de drie maanden en krijgt ook feedback op deze evaluatie.

Mario:  We dingen echter niet af op kwaliteit. Wat niet goed is uitgevoerd, wordt opnieuw aangepakt.

Welke uitdagingen zijn er voor de toekomst?

Mario:  Het is niet gemakkelijk om een evenwicht te vinden tussen de zorg en het rendement. We blijven erover waken dat we het sociale aspect niet uit het oog verliezen. Daarom is het noodzakelijk om onze inhoudelijke modules te verbeteren. En op het einde van het jaar moeten we winst maken, zodat we wat reserve voor de toekomst opbouwen. Het blijft een hele klus om een gans jaar rond werk te blijven hebben. Gelukkig zijn er bij de aanbestedingen steeds meer  openbare besturen die via een sociale clausule bij de sociale economie terechtkomen. 

Paul De Neve

(*) Europasi is een instrument dat bij De Sleutel standaard gebruikt wordt in het kader van basisindicatiestelling en oriëntatie van de cliënten (drukt ernst van de verslaving uit in scores)

(december 2009)